Ergens, net tussen de dag en iets dat nog niet helemaal avond is en zeker geen nacht, staat een winkeltje dat je alleen
vindt als je net even anders kijkt. Er hangt geen bord, geen rinkelende bel.
Alleen een zacht gevoel dat je iets vergeten was en het nu komt ophalen.
Binnen ruikt het naar warme thee, chocolade, vers papier en een vleugje avondzon op een houten vloer.
Achter de toonbank zit een man. Niet iemand die zich opdringt, maar iemand die kijkt
zoals je alleen kijkt naar iets dat je oprecht boeit. Hij glimlacht.
Niet omdat hij iets moet verkopen, maar omdat er iets in haar houding is dat hij herkent.
Selma stapt naar binnen. Luchtig, alsof ze toevallig even binnenloopt.
Maar haar ogen blijven haken aan dingen die geen naam dragen.
“Zoek je iets speciaals?” vraagt hij zacht.
“Nee. Denk het niet.” Dat is precies het goede antwoord.
Op de toonbank staat een spiegeltje, er hangt geen prijskaartje aan.
Simpel mat frame, geen franje of tierelantijntjes. Hij schuift haar het spiegeltje toe.
Ze laat haar vingers langs de rand glijden. Het is net alsof het glas warmte geeft.
“Dit is ook geen gewone spiegel,” zegt hij. “Je ziet er soms iets in dat je normaal net ontwijkt.
Of iemand. Soms jezelf op een manier waarop iemand anders je allang ziet.”
Ze kijkt. En daar is ze. Niet als in de spiegel van de badkamer, niet gefilterd of geposeerd.
Met een licht in haar blik, en een rust die alleen mensen
uitstralen die diep voelen, ook al praten ze daar niet altijd over.
Mooi op een manier die niet vraagt om aandacht maar het vanzelf krijgt.
Er spant een ademloze stilte, als een draad in de lucht, onzichtbaar maar voelbaar.
Die stilte tussen hen is niet ongemakkelijk.
“Mag ik deze houden?” vraagt Selma, haar stem nauwelijks luider dan een tinteling in haar borst.
“Je had ‘m al,” zegt hij, en zijn stem zakt bijna tot fluisteren, veel dichterbij dan de afstand toelaat.
“Soms heb je alleen even iemand nodig die je eraan herinnert of het sprankelende kader
eventjes voor je vasthoudt.” Ze blijft nog een paar seconde staan.
Niet omdat het moet, maar omdat vertrekken soms ineens iets is wat je bewust moet doen.
Dan stapt ze naar buiten. Buiten is de lucht een beetje rozer dan zojuist.
Of misschien lijkt dat maar zo.
Soms veranderen dingen niet, je voelt ze alleen anders.
Misschien is het de spiegel. Misschien was het het moment.
Of misschien, heel misschien, was het simpelweg hoe hij haar zag terwijl ze eventjes vergat weg te kijken.
Niet omdat iets moet, maar omdat alles mag. Dromen, dwalen, ontdekken.
En wie weet, soms ook gezien worden precies zoals ze is, of zoals iemand haar ziet als ze even niet oplet.
Geef een reactie